“Kinder vissen”

“Kinder vissen”, kondigt het postertje op de deur van de buurtsuper aan.

Voor mijn geestesoog verschijnt een spartelende en tegenstribbelende vangst, zijnde geen snoekbaars of paling.

Maar nee, het betreft een viswedstrijd voor buurtkinderen. Ze moeten hun eigen “vis spul” meenemen. De lokatie is niet de vijver van de vorige keer. Maar waar het dan wel is, wordt niet gezegd.

Mannetje op bankje, vrouwtje op bankje

Op Noorderhoogebrug staat voor een woonhuis dit bakstenen  mannetje op bankje, waarmee Jan Schoffelmeijer vorig jaar een wedstrijd won. Het bankje lijkt te zweven door de toepassing van spiegels op de voet (onder de kont van het mannetje):

2011-08-19 044 

Op Euvelgunne kwam ik een poosje later dit vrouwtje op bankje tegen, ook van baksteen en eveneens met spiegels op de sokkel:

2011-08-19 181 

Hé, zou Schoffelmeijer meerdere van zulke bakstenen figuren geproduceerd hebben? Maken ze misschien deel uit van een serie?

Nee, zegt de kunstenaar desgevraagd. Het vrouwtje is niet van hem, maar gemaakt door de bewoner van het huis op Euvelgunne. Die wilde eerst dat mannetje kopen, “maar vond het te duur en heeft er uiteindelijk zelf maar een gemaakt.”

De gewezen gemeente Noorddijk

De vroegere gemeente Noorddijk vouwde zich aan de noord- en de oostkant langs het stadsgebied van Groningen. Het was een gemeente die als een insect uit twee substantixeble delen bestond, De kop lag bij Selwerd, de romp omvatte Noorddijk, Middelbert, Engelbert en Euvelgunne, en de wespentaille lag bij Noorderhoogebrug. waar de gemeente slechts 20 meter breed was. Eigenlijk was ik van plan om vandaag op de zsuidwestenwind een heel eind verder te gaan, maar ik bleef hangen in de gewezen gemeente Noorddijk.

Walfridusbrug vanaf het Walfriduspad:

2011-08-19 022 

De ezels van de Oude Nadorst:

2011-08-19 032 

Noorderhogebrug: “Vrije uitloop eieren” (“zondags gesloten”):

2011-08-19 048 

Oosterseweg tussen Zuidwolde en Noorddijk, kolen in alle kleuren bij een kwekerij waar je goedkoop groentes kunt kopen:

2011-08-19 064 

Oosterseweg, vervallend boerderijtje:

2011-08-19 076 

Boerderij in het Recreatiepark Noorddijk:

2011-08-19 087 

Wapen Stechman met drie zwanen op de kerk van Noorddijk:

2011-08-19 104 

Windvaan op het koor van die kerk:

2011-08-19 117 

Zwaan in de rui bij boerderij de Rollen, Noorddijkerweg achter Lewenborg:

2011-08-19 125 

Stadsgezicht vanaf Middelbert:

2011-08-19 150 

Overvloedige appeloogst, Oude Roodehaan:

2011-08-19 168 

Ram, Oude Roodehaan:,

2011-08-19 173

Jonge zwanen bij Gravenburg geringd

In de tip tussen de Friesestraat- en de Zijlvesterweg bij Gravenburg zag ik een stel mensen in een afgelegen weiland gek doen met lange staken. Wat ze precies aan het uitvoeren waren kon ik niet zien. Eerst dacht ik dat ze polsstokken droegen en dat ze een fierljep-parcours aan het uitzetten waren, maar ze plaatsten nooit zo’n staak rechtop in een slootwal om er dan in te klimmen, zodat ik deze hypothese moest verwerpen. Thuis zag op mijn 30x zoom-foto’s dat ze jonge zwanen aan het ringen waren. Zes stuks. Met die staken hielden ze de twee volwassen zwanen in bedwang. Ook haalden ze met de staken, dus tevens vangstokken, jonge zwanen uit de groep. Het was nogal een enerverend karwei blijkbaar, want na afloop stonden de deelnemers met elkaar te high-fiven:

2011-08-17 121 

2011-08-17 126 

2011-08-17 127 

2011-08-17 129 

2011-08-17 130 

2011-08-17 131 

2011-08-17 134 

2011-08-17 139 

De foto’s zijn van gister, maar kon ze toen niet posten omdat Typepad me de toegang tot mijn dashboard ontzegde.

Hitte Poempaain

Vroeger woonde er in Midwolda een man, die bekend stond onder de bijnaam Hitte Poempaain
 
Hij had een paard en wagen, waarmee hij met groente ventte. Begin jaren zeventig werd dat paard nog vervangen door een trekkertje.
 
Zijn voornaam was Hitte. Volgens mijn zegsman althans. Dat zal dan wel Hidde geweest zijn, maar misschien zit ik ook wel fout. In elk geval school daar het opmerkelijke niet in.
 
De man kon de r niet uitspreken. Als hij de klanten bij zijn wagen vroeg of ze nog pruimen of preien moesten hebben, vroeg hij: “”Hest nog verlet öm poem ‘m of paai’n?”

 Zo kwam hij aan die bijnaam.